Betere eiwitvertering vermindert kans op diarree

Expandaat

ZeugenBiggenVleesvarkensBrijvoer

Juiste viscositeit voor optimale benutting

Voor een goede vertering is het belangrijk dat het voer bij varkens langzaam en geleidelijk de maag passeert. Als het voer langer in de maag blijft, worden eiwitten beter verteerd en worden er meer bacteriën gedood. De maagwerking is te sturen met behulp van de viscositeit (gelvormend vermogen) van het voer. Hiermee kan een homogene brij in de maag gecreëerd worden. In de dunne darm willen we echter een afbouw van viscositeit. Als de doorstroming in de dunne darm te langzaam is, bestaat namelijk de mogelijkheid dat ‘slechte’ bacteriën uit de dikke darm in de dunne darm komen.

Sturen van viscositeit

Wij kunnen de mate van viscositeit van het voer sturen met het Inno-Feed procedé in onze fabriek. We hebben namelijk de mogelijkheid om de grondstoff en op verschillende manieren te behandelen. In de grafiek zijn vier verschillende behandelmethodes van grondstoff en te zien. Bij het produceren is gevarieerd met de temperatuur- en de drukbehandeling. De viscositeit van grondstoff en stijgt als deze warmer en onder hogere druk behandeld worden. Door middel van een hoge temperatuur is een hogere viscositeit te behalen. Wanneer de druk wordt opgevoerd is de hoogste lijn te behalen: De tweetrapsraket. Op de stippellijn worden verteringsenzymen toegevoegd. Hierdoor verlaagt de viscositeit, waardoor de vertering ook in de dunne darm geoptimaliseerd wordt.

Conclusie

Ons Inno-Feed procedé zorgt voor een betere eiwitvertering, waardoor de kans op diarree bij de biggen vermindert. Bovendien wordt de voederconversie lager door een betere eiwitbenutting door de big en het vleesvarken. Naast de samenstelling van het voer is dus ook de manier van processing belangrijk.

Deze grafiek komt uit een onderzoek waarbij de maag en de darm worden nagebootst in een laboratoriumopstelling. Eerst komt het voer in de “maag”. Hier wordt het voer aangezuurd en worden eiwitenzymen toegevoegd. Na een bepaalde periode komt het voer in de “dunne darm”