Een innovatieve kijk op de wereld van diervoeding

Coppens Contact

VleeskuikensKalkoenenVleeskuikenouderdieren

Willy en Ardi van Erp, St. Anthonis

Publicatiedatum: 10-01-2019

“Ruim een eeuw boert mijn familie al op deze locatie,” start Willy van Erp zijn verhaal. “Het bedrijf is steeds van vader op zoon over gegaan. Mijn vader hield in de beginjaren melkvee, varkens en legkippen. In 1969 koos hij voor de hoofdtak melkvee, werden de varkens en het legpluimvee afgestoten en werd vleespluimvee de neventak. Samen met de 30 ha grond had het bedrijf een mooie omvang voor die tijd.”

“In 1991 namen wij het bedrijf over. Een tijd lang hebben we het op dezelfde voet voortgezet, tot ons in 2005 het Volwaard-concept ter ore kwam. Wij geloofden dat een segment tussen de reguliere en biologische houderij bestaansrecht zou hebben. Onze relatief kleine vleeskuikenstal bleek prima geschikt, dus zijn we in de trein gestapt, al wisten we toen nog niet wat ons te wachten stond,” lacht Ardi.

Spannend, maar leuk

“In het begin was het pionieren met een nieuw ras kuikens, nieuwe voorwaarden en normen en een nieuw type stal met een uitloop en buitenluiken. We werden bovendien intensief betrokken bij het eindproduct. Onze gezichten stonden zelfs op de verpakkingen en zo lagen ‘we’ in de schappen van de supermarkten,” weet Ardi nog goed.

Consument bleek er klaar voor

Willy: “Onze verwachting kwam uit. De consument bleek inderdaad rijp voor dit nieuwe segment. De afzet raakte in een stroomversnelling. Zeker ook dankzij de deelname van de Dierenbescherming die het Beter Leven Keurmerk sterrensysteem aan het concept koppelde.

In diezelfde periode kwamen wij voor een keuze te staan, aangezien onze ligboxenstal gedateerd was en onze twee zonen allebei een technisch beroep buiten de deur ambieerden. We besloten te stoppen met melkvee en een tweede vleeskuikenstal te bouwen. We startten het vergunningentraject op, waarbij we de aanvraag wel baseerden op traditionele dieraantallen, zodat we indien nodig een vangnet hadden. In 2012 hebben we de stal voor ruim 20.000 kuikens gebouwd. De afzet bleef groeien, mede doordat steeds meer verschillende supermarkten zich aansloten bij het concept. Deze samenwerking had wel tot gevolg dat de naam Volwaard vervangen werd door de algemenere term ‘scharrelsegment’. Iedere supermarkt hanteert nu een eigen naam.”

Groeiende markt

“De groei van de markt leidde ertoe dat wij onze vergunning van 60.000 reguliere kippen om hebben gezet naar 52.900 scharrelkuikens. De uitstoot van fijnstof en geur werd daarmee gereduceerd, waardoor het mogelijk werd om er nog een stal bij te bouwen.

Deze stal werd een kopie van de vorige, maar dan zonder een zichtruimte. Ook is er een stuwbak bij de eindventilatoren geplaatst, zodat de lucht op vier meter hoogte wordt uitgestoten. Op die manier voldoen we aan de normen voor geuremissie. Beide nieuwe stallen zijn iets beter te sturen qua klimaat, dankzij het grotere volume en de warmtewisselaar. Maar qua technisch resultaat doet de oudste stal nauwelijks onder voor de nieuwere.”

Verbonden aan het scharrelsegment

Ardi: “Door het omzetten van de vergunning hebben we ons definitief verbonden aan het scharrelsegment. We kunnen niet meer terug naar traditioneel. Maar dat willen we ook niet. We zijn blij met ons huidige bedrijf en we kunnen het werk prima samen af. Met onze 52.900 kuikens horen we nu bij de grotere scharrelkuikenhouders van Zuid Nederland.”

Zijn concepten de toekomst?

“Het mooie van leveren in een concept is dat we produceren op basis van de vraag. De afzet is dus gegarandeerd. Dat moet volgens ons standaard worden in de toekomst. Oók in andere veehouderij sectoren. Het vergt wel een iets andere manier van denken. Het moet bij je passen. Je vrijheid wordt weliswaar iets ingeperkt, maar voor ons is het belangrijk dat we iets extra’s te bieden hebben op gebied van dierwelzijn en antibioticareductie,” vindt Willy. “Op deze manier leveren we een waardig eindproduct aan de consument!”


Terug naar het overzicht
Deel dit bericht