"Nog steeds tevreden met de keuzes die we hebben gemaakt."

Koen en Charlotte Wouters

ZeugenBiggenVleesvarkensHokverrijkingCoppens LivestockBuitendienst Varkens

Ervaringen met innovatieve kraamstal

Zeugenhouders Koen en Charlotte Wouters uit Bergeijk hebben de innovatieprijs 'Varkens gezonder produceren' gewonnen tijdens het Praktijksymposium Hogere Varkensgezondheid 2016. Volgens de jury zijn ze voorlopers onder de zeugenhouders met veel aandacht voor gezondheid en dierenwelzijn op het bedrijf. Ze zijn innovatief en hebben een eigen systeem ontwikkeld voor vrijlopende kraamzeugen vanaf een week na de geboorte van de biggen. Ze zijn een inspiratiebron voor collega-varkenshouders,” aldus de jury.

Koen en Charlotte houden in totaal 1200 zeugen op twee locaties; in Bergeijk en Westerhoven. Daarnaast hebben ze in januari 2016 een nieuwe biggenstal in gebruik genomen. De innovaties die in deze biggenstal verwerkt zijn, kunt u lezen in het artikel: ‘Weer eigenwijs geweest met bouw biggenstal‘.

In onderstaand artikel kunt u over hun ervaringen met de nieuwe zeugenstal lezen. En over de hobbels die ze in de afgelopen drie jaar onderweg tegen zijn gekomen.

Ervaringen innovatieve kraamstal

“Drie jaar geleden hebben we de zeugenstal in gebruik genomen. In het begin was het erg zoeken naar de juiste werkwijze. Vooral op de speendag,” vertelt Charlotte. “Op deze dag gaan de zeugen met de biggen van de kraamafdeling, via een luikje in de muur naar de zoogopfokhokken. In deze hokken lopen de zeugen, samen met hun biggen, vrij rond. Het was even zoeken hoe we het overzetten het snelste konden doen, maar uiteindelijk hebben we de beste manier van werken gevonden; Eerst gaat de vloer met de zeug omhoog. Dan gaan de biggen door het luik naar het volgende hok en dan volgt de zeug.”

Fijn om in te werken

“De kraamhokken voldoen prima. Het zijn fijne hokken om in te werken,” vervolgt Charlotte. “De zeug staat met de kop naar voren, zodat je tijdens het werpen alles goed in de gaten kan houden vanaf de gang. We hebben aan twee kanten van het kraamhok plastic kappen bevestigd met daaronder vloerverwarming. Dat werkt heel goed. Het is ook geval veel makkelijker dan het slepen met biggenlampen.”

Koen: “We hebben inmiddels wel wat veranderd in de kraamhokken. In het begin hadden we in alle hoeken van het kraamhok ronde hoekjes bevestigd om ervoor te zorgen dat de biggen zo snel mogelijk naar de vloerverwarming in de biggennesten gaan. Maar het was zeer arbeidsintensief om deze er telkens uit te halen en schoon te maken. De achterste twee ronde hoekjes hebben we er daarom al vrij snel uitgehaald. De twee voorste staan er nog wel standaard in.”

Loslopende zeugen

“In het zoogopfokhok loopt de zeug samen met de biggen vanaf ruim een week na werpen los rond. Wij willen varkens houden met aandacht voor het welzijn voor van de dieren. Daarom hebben we gekozen voor een kraamhok in combinatie met het zoogopfokhok. Een niet onbelangrijk bijkomend voordeel is dat de hokken ook voor ons prettig werken. Én het is gewoon fijn om de zeug los te zien rondlopen in het hok,” vertelt Charlotte.

Meer doodliggers

“Het nadeel van loslopende zeugen is wel het aantal doodliggers,” vervolgt Koen. “Vanaf het begin zijn we aan het zoeken naar een manier om zo min mogelijk doodliggers te hebben. We hebben daardoor enkele aanpassingen gedaan zoals het plaatsen van extra valbeugels, overkappen van het biggennest en het verlagen van de ruimtetemperatuur, maar zijn nog steeds bezig met het verbeteren van het hok. De hamvraag is hierbij steeds: ‘Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de biggen zo veel mogelijk in het biggennest blijven en alleen naar de zeug gaan om te drinken?´ Bij loslopende zeugen moet je echt het liggedrag van de biggen sturen. Dat bepaalt het succes. We proberen daarom een optimaal microklimaat te creëren waar de biggen erg graag zijn. Dat lukt alleen als de ruimtetemperatuur niet te hoog is en het biggennest juist wel comfortabel is. Dit blijkt ook uit het feit dat het aantal doodliggers in de winter duidelijk lager is. De biggen liggen dan echt in de nesten.”

Net weer anders

“Sommige ideeën pakten net iets anders uit dan we vooraf bedacht hadden. In de zoogopfokhokken hadden we bijvoorbeeld drinkbakken gemonteerd, waar de biggen en de zeug samen uit konden drinken. We kwamen er al snel achter dat dat niet werkt, omdat de loslopende zeugen in de drinkbakken mesten. Deze hebben we dus snel vervangen. We kwamen er trouwens ook achter dat de Baby Big XL korrel niet geschikt is voor ons bedrijf,” lacht Koen. “De loslopende zeug vrat alles binnen een paar minuten op. Dat is jammer, want het idee achter de korrel is goed.”

Groepshuisvesting dragende zeugen

“Ons investeringsbudget was natuurlijk beperkt. Dat was dan ook een van de redenen waarom we alle bestaande stallen hebben omgebouwd naar groepshuisvesting met voerstations voor de dragende zeugen. In de ene stal zitten nu groepen van 40 zeugen. In de andere stal zit één grote groep met zo’n 400 zeugen. Ook hier zijn we eigenwijs geweest,” vertelt Koen. “De leverancier zei dat we maximaal vijf voerstations naast elkaar konden plaatsen. Wij wilden er acht naast elkaar plaatsen en dat hebben we ook gedaan. We hebben inmiddels ervaren dat dit heel goed mogelijk is.”

“Verder draait het, op wat pootproblemen na, prima in de groepen. In de grote groep behalen we zelfs de beste resultaten. De dieren kunnen er makkelijk vluchten en hebben daardoor minder stress. Ook het loslopen direct na insemineren geeft geen problemen. Er is echter wel één nadeel aan een grote groep; De controle is moeilijker en het werk is daardoor arbeidsintensiever. Ga een zeug, die ziek is en niet komt eten, maar eens zoeken in zo’n grote groep. De meeste zeugen hebben wel een vaste plek, maar ik weet niet altijd welke dat is,” lacht Koen.

Date Gate

“In de dekstal maken we gebruik van een Date Gate systeem. De beer gaat daar automatisch rond en dat werkt prima en bespaart tijd. Daarnaast hebben we een berigheidsdectectie gemonteerd bij het berenhok in de groepshuisvesting. Niet drachtige zeugen gaan steevast naar de beer toe en worden dus tijdig gesignaleerd.”

Resultaten

“In 2015 hadden we gemiddeld 15 levend geboren biggen en speenden we 31.5 biggen per zeug. De uitval was 15%. Dit laatste is vooral te wijten aan het aantal doodliggers in de tweede fase van het kraamhok. De worpindex is op ons bedrijf 2.5. We kopen dragende gelten aan en werken met Topigs 20 zeugen in combinatie met de Tempo beer. Verder voeren we gewoon de standaard voeders van Coppens. We voeren wel veel verschillende voeders, omdat we een computergestuurde droogvoerinstallatie hebben geïnstalleerd waarmee dit mogelijk is. Verder geven we melk bij in het kraamhok. Dit is wel arbeidsintensief, maar het werkt goed.”

Geen spijt

“We hebben er geen spijt van dat we pioniers zijn geweest en een alternatieve stal hebben gebouwd,” besluiten Koen en Charlotte. “We konden kiezen voor iets bestaands of voor iets nieuws. Het is dat laatste geworden. We wisten dat we hobbels op de weg tegen zouden komen, maar we zijn nog steeds tevreden met de keuzes die we gemaakt hebben.”

Vacature

Interesse in een uitdagende baan in een boeiende organisatie met uitstekende arbeidsvoorwaarden? Bekijk dan onze vacatures:

Vacatures


Wij helpen graag

Wilt u dat wij contact met u opnemen? Laat hieronder dan uw gegevens achter:

* verplichte velden